Column 8…  Koffietijd…

 

Het sleutelen aan de Harley bij goeroe Cor behelst geen arbeid in een goed geoutilleerde werkplaats met fijne voorzieningen als verwarming, heftafels en adequate, deugdelijke verlichting, zoals we dat nú  kennen en inmiddels mee verwend zijn. Er wordt in een te klein houten schuurtje aan blokken en versnellingsbakken geprutst. De rijwielgedeelten staan onder een soort afdak tussen schuur en woning. Bij grote aanloop of hoogtij momenten zoals voor toerritten, rallies of TT bezoek, wordt er ook gewoon gezellig  buiten gesleuteld… Toch ziet mijn Harley daar na enkele maanden zijn zoveelste levenslicht. Daar het hier louter vrijwilligerswerk betreft, zijn de koffiepauzes lang en tamelijk talrijk. Bij dit opbeurend samenzijn zwaait tante Lien de op een deegroller gelijkende scepter…  Het gebeuren vindt pas plaats wanneer de drie kindertjes in hun bedje bivakkeren, althans bóven zijn. Het blijkt een nogal gebruikelijk tafereel dat tante Lien haar twijfelachtige pedagogische kwaliteiten luidruchtig en doordringend begeleid met veel nutteloos en onheus verbaal geweld. Ik zal de gebezigde termen uit haar uitgebreid en fantasierijk, maar nogal vals vocabulaire hier niet reproduceren, zulks past niet op schoon wit papier… Terug naar de koffie…  Aan tafel gezeten valt altijd weer het ietwat groezelige tafelkleed op, dat, het moet gezegd, nog altijd vele tinten lichter toont dan het vloerkleed. Wij hebben ons wel eens afgevraagd hoeveel liter olie er in benarde tijden nog uit dit kleed te persen zou zijn en dit is allemaal nog vóór de oliecrisis van ‘73. De koffiekopjes echter zijn schoon en de koffie krachtig en goed! Nog beter zijn de verhalen die tijdens deze onvergetelijke koffiesessies de ronde doen… Ach, iedere motorrijder kent die wel. Qua creatief en ferm taalgebruik heb ik hier heel veel opgestoken. Er zijn in die periode zo’n mannetje of zes die hier min of meer regelmatig  opduiken. Sommigen om te sleutelen, anderen louter voor de gezelligheid of teneinde gezamenlijk een rit te rijden. Eén dezer personen is nog wel eens de pineut, als het gaat om pech of allerhande onhandigheden… Hij is visueel ietwat belemmerd en heeft ongeveer net zo’n bril als ‘ome Nas’. Zijn naam is Tom. Hij presteert het eens om een complete middag bezig te zijn met het monteren van een windscherm op zijn Harley. Als hij eindelijk klaar is met het toch niet echt helse karwei en vrolijk toeterend het erf verlaat lukt het hem wel zonder problemen de poort uit te komen, maar de steeg uit blijkt een ander verhaal. Verderop steekt een schuurtje wat verder naar achter en  hij knalt met een stuurhelft tegen het bouwsel. De gevolgen laten zich raden en inderdaad stort hij met zijn Liberator ter aarde. Nu kan zo’n motor heel wat hebben en deze Tom ook…, het fonkelnieuwe windscherm echter niet. Het plexiglazen geval biedt na het oprapen der motorfiets een troosteloze en ernstig gehavende aanblik. Hier dient weer van voren af aan gearbeid te worden, hetgeen Tom ook op een later tijdstip zal doen… Zijn volgende windscherm weet hij weken later te breken, wanneer hij op de terugweg van een toerritje met de mannen ook eens voorop rijdt, de hoek om gaat, even omkijkt of de rest volgt en vervolgens pardoes een plank oprijdt en met motor en al in een grofvuilcontainer verdwijnt…

Het is nog een hele klus hem… en vooral zijn motor daar weer uit te krijgen…

 

Ernst Hagen

 

 

© Ernst Hagen Motoren | Ontwerp: PK Designs